Haagse thema’s

Constantijn en Christiaan Huygens: Muziek op het kruispunt van kunst, wetenschap en politiek in de 17e eeuw

Hofwijck, Voorburg

Met hun verschillende talenten vertegenwoordigen vader en zoon Huygens twee complementaire aspecten van de muziek van hun tijd: rhetorica versus mathematica. Constantijn, diplomaat, dichter en musicus, wil met zijn Pathodia sacra et profana de luisteraar in de ziel tasten. Christiaan, de geniale natuurwetenschapper, is vooral geïnteresseerd in het muzikale materiaal: de relaties tussen tonen en de zuiverheid van hun intervallen.

Daarmee bieden deze Hagenaars een fascinerend uitgangspunt voor een studie van de Europese cultuur van de 17e eeuw: de ontwikkeling van “vrije kunsten” (artes liberales) naar de moderne opvatting van “kunsten” en “wetenschappen”.


Muzikale Hagenaars rond 1910

De jaren rond 1910 – een interessante periode met sterke tegenstellingen en veranderingen op alle gebieden van kunst en architectuur. In Den Haag zijn veel karakteristieke gebouwen en stadsdelen terug te vinden uit deze periode, bijvoorbeeld het Vredespaleis en de wijk Zorgvliet. Ook een deel van het Bezuidenhout is ontstaan in deze periode.

Van de talrijke Hagenaars die in deze tijd muzikaal iets te betekenen hadden worden er voor deze serie lezingen drie geselecteerd. Wat hebben ze voor opmerkelijks gepresteerd, en hoe vonden ze een plaats in de cultuur van hun tijd?

1. Een violist die wilde vliegen: Arthur Monnier Harper

Arthur Monnier Harper (1886-1916), geboren in Ierland, werd door tijdgenoten gezien als buitengewoon talentvol violist. Door zijn veelzijdigheid en rusteloos temperament, èn door zijn tragisch korte leven is dit talent nooit tot volle ontplooiing gekomen. De veelzijdigheid van zijn ambities blijkt onder meer uit zijn – soms gevaarlijke – experimenten met zelf gebouwde vliegtuigen. Monnier Harper woonde sinds 1911 in Scheveningen. Enig inzicht in de laatste levensjaren van deze vrijwel vergeten kunstenaar danken we aan de brieven en dagboeken van Frederik van Eeden, de schijver van De kleine Johannes en Van de koele meren des doods.

2. Een muzikale bankier en zijn museum: Daniël François Scheurleer

Daniël François Scheurleer (1855-1927) was directeur van de Haagse bank Scheurleer & Zoonen. Daarnaast was hij een even gepassioneerd als gefortuneerd muziekhistoricus en verzamelaar. Zijn verzamelwoede nam zo’n omvang dat hij voor zijn collectie muziekinstrumenten een apart museum moest laten bouwen, naast zijn huis aan de Laan van Meerdervoort. De verzameling bevindt zich tegenwoordig in de depots van het Gemeentemuseum.

3. Een cultureel ondernemer: Abraham Anthony Noske

Abraham Anthony Noske (1873-1945) is bekend geworden als muziekuitgever. Hij zag het als zijn taak uitsluitend werk van Nederlandse componisten uit te geven, en daarbij was zijn idealisme sterker dan zijn zin voor commercie.



Deze cursus of afzonderlijke lezingen kunnen op afspraak worden gehouden.